Ambtenaar 2.0 suggereert dat je als ambtenaar je vak op een modernere manier uitoefent. Dat is vooral een ándere manier van werken, in organisaties met een andere vorm en een andere taak. Constateren dat de oude werkwijze niet meer past, is investeren in een nieuwe. Hoe je dat dan doet, en met wie, daar is een dag voor: de Ambtenaar 2.0 Dag. De editie 2013 vond plaats op 6 februari 2013, in zowel Rotterdam als Zwolle.
Wat is de waarde van deze dag – en wat maakt deze dag nou zo anders? In het blad I-bestuur|Ambtenaar 2.0 schreef ik – als een van de teamleden van de Ambtenaar 2.0-dag – daar een column over, die zo eindigt:
De Ambtenaar 2.0-dag is mede succesvol omdat de dag met gesloten beurs tot stand komt. Waarde, dat is een ander verhaal. Uitbreiding van je netwerk, hulp bij projecten, gedeelde kennis, rijke inspiratiebronnen, een oneindig reservoir aan gezond verstand, wat is dat waard?
Natuurlijk is de belangrijkste vraag wat het oplevert: beweging in de overheid. De overheid moet compacter, taken herzien, meer verbinding tot stand brengen. Merken burgers daar al wat van? Laten we het vragen. Laten we de verbinding tussen burgers en overheid ook op de Ambtenaar 2.0 Dag tot stand brengen. Laten we er 16 miljoen Nederlanders blij mee maken. Uiteindelijk.
De vijfde editie van de Ambtenaar 2.0 dag is gepland op 7 februari 2014. Meedoen?
Vandaag is het weer zover. De Troonrede. Op Prinsjesdag begint het parlementair jaar en ontvouwt de Koningin de plannen van de regering. Zo met een demissionair kabinet en in een economische recessie kan het toch geen sprankelend verhaal worden? Sombertjes, zijn de verwachtingen.
Afgelopen week werd voor de derde maal op rij de Trendrede uitgesproken. Inmiddels niet meer weg te denken uit weldenkend Nederland. Enige dagen voor de Troonrede worden in de Trendrede fijntjes de contouren geschetst van een meer visionaire toekomst.
Een dozijn trendwatchers en toekomstdenkers geven in een goed geschreven esssay van 16 helder vormgegeven pagina’s aan wat er in 2013 staat te gebeuren. Alleen een ‘what’s hot/ what not’- lijstje ontbreekt. Laat ik nou na het lezen van de Trendrede de onbedwingbare behoefte hebben om een dergelijk lijstje te maken. De toekomst laat zich niet meer in 140 tekens samenvatten, lees ik in de Trendrede, maar zo’n lijstje is wel zo overzichtelijk. En het ontbreekt, dus ik maak het zelf. Maar ik draai het om: eerst not, dan hot. Waar komen we vandaan, en waar gaan we naartoe?

Dat is een veelbelovend rijtje, dat rechter, als je het zo achter elkaar leest. Is het nieuw? Nee, nieuw is niet het goede woord. Veel signalen wezen er al op en als je een beetje oplet, heb je daar heus geen trendwatcher voor nodig. Ook cabaretiers, documentairemakers, publicisten en kunstenaars probeerden ons namelijk de afgelopen tijd al te wijzen op deze trend. (Wie durft nog te zeggen dat investeren in cultuur niet loont? Deze fijngevoelige types, dwarsdenkers en durvers hebben we hard nodig om ons collectieve denkvermogen scherp te houden. Een maatschappij zonder cultuur is als los zand. Dan ontbreekt het ons aan verbindend vermogen.)
Dit waren niet zozeer de nieuwste tendensen, als wel de meest opvallende. Zeker in samenhang zijn ze onontkoombaar richtinggevend voor de komende jaren. Maar welke betekenis geven we aan deze signalen? Is het onze alternatieve troonrede, vormen ze de basis voor ónze plannen voor het parlementaire jaar? En zo ja, zijn ze dan complementair aan die van de overheid? Werken we samen aan een beter Nederland?
Mijn conclusie na het lezen van de Trendrede, is dat we voor de uitdaging staan er zélf wat van te maken. Het is bepaald geen kapstok – het is de tijdgeest – om lekker je eigen dingen te doen in een omgeving die je zelf gekozen of ingericht hebt, en voor de rest de boel maar gewoon de boel te laten. Ik lees er echter niet in wat we nu concreet gaan doen in 2013. Bij mij blijft vooral hangen: vertrouwen. Wederzijds vertrouwen, wel te verstaan. Sociale overwaarde. En tegelijk: loslaten.
Sociale overwaarde
Een groot deel van de Nederlanders gaf, ook weer tijdens de afgelopen verkiezingen, het signaal dat de overheid het niet goed (genoeg) doet. Er is weinig vertrouwen in de politiek. En het kost sowieso veel te veel geld.
Hang dus je welbevinden niet op aan de overheid. De verdeling van de rollen wordt hoe dan ook anders. Wat is je eigen bijdrage? Veroveren we verantwoordelijkheden terug? Draag, waar je kunt, je steentje bij. Of je nu je stoepje schoonveegt, een sportclub zonder opkomstverplichting opricht, een straatfeest organiseert, in de politiek gaat, mantelzorger of kampvader bent: zet je sociale overwaarde in. Want het kan natuurlijk niet zo zijn dat íedereen de boel uit zijn handen laat flikkeren. En uiteraard mag je dan ook iets terugvragen, als jij eens behoefte hebt aan steun in welke vorm dan ook. (Wordt gelijk donor, als je dat nog niet bent.) Waar bemoei ik me mee? Maak je zelf wel uit wat je met je tijd en capaciteiten doet? Klopt, dat moet je lekker zelf weten. Maar doe iets in het algemeen belang, dat tenslotte ook het jouwe dient.
Chaos? Loslaten.
Zullen we chaos vanaf nu niet meer met nieuwe regels bestrijden? Het lukt namelijk toch niet om ze te controleren en dat is zo frustrerend voor alle partijen. Hebben we niet allemaal ontstellend genoeg van die spaghettiberg aan regels? Kiep het bord om, geef de verantwoordelijkheid terug, observeer de chaos (is er nog wel chaos?) en kijk welke structuren er ontstaan. Help de zwakste schakel met ontwikkelen. Ik geef twee voorbeelden.
- Veel gemeenten halen de overbodige verkeersborden al weg, maar durven we het ook om álle borden weg te halen, te kijken wat er gebeurt en alleen die ene allerbelangrijkste terug te plaatsen? Verkeersdeelnemers die dan nog onnodig risico nemen, krijgen opnieuw verkeersles. De gemeente Den Haag plaatst bij bepaalde, potentieel zeer gevaarlijke kruispunten, bewust geen verkeerslichten. Wel leidt ze buurtgenoten op tot verkeersbrigadier.
- Laat olifantenpaadjes (ook mensen nemen, hek of geen hek, altijd de kortste weg) integraal deel uitmaken van het ontwerp van de openbare ruimte. Ze komen er hoe dan ook toch, en het scheelt aanleg, onderhoud en ergernis. Krom is niet lelijk, maar natuurlijk. O ja, en die rare plantsoentjes met prikkelplanten en rotzooi? Mag ik er een? Maak ik er een buurtmoestuin van.
Kortom: het is niet alles goud wat er blinkt. Er blinkt veel meer. Tijd, aandacht, zorg, ideeën. Behalve de Gouden Koets rijden er ook 17 miljoen fietsen rond met geweldige, unieke, originele, gewone, handige en/of broodnodige capaciteiten.
Vraag ik me alleen nog af, hoe vaak de Koningin de Troonrede nog voorleest. Het zijn immers de plannen van de regering, die ze voortaan niet eens meer mag helpen formeren. Majesteit, leest u dan in 2014 lekker de Trendrede voor? Toe? Alstublieft?
Gisteren sprak Louise Fresco, hoogleraar duurzame ontwikkeling, de Abel Herzberglezing 2012 uit. Deze jaarlijkse lezing, in 1990 ingesteld door De Rode Hoed en Trouw, wil de naam en gedachten van Abel Herzberg (1893-1989, Joods humanistisch schrijver/ jurist) levend houden. Natuurlijk ging de lezing over duurzaamheid, het zou Fresco niet zijn als dat niet zo was. Maar er schuilt iets veel universelers in haar boodschap.
De titel van de lezing luidde – naar een gedicht van Abel Herzberg: ‘Al door het zeggen van het woord’. Dus zou iedere communicado, taalsnob, schrijver, socioloog, journalist, dwars- of vrijdenker, geestelijke, manager, leerkracht, bestuurder en politicus – duurzaam of niet – de oren moeten spitsen: “Ontdoe woorden als biologisch en intensivering van hun zware lading en voer weer een debat over wat ze betekenen en waar ze passen.”
Voor de woorden ‘biologisch’ en ‘intensivering’ kun je namelijk willekeurig welk modisch woord invullen. ADHD, hoogbegaafd, Het Nieuwe Werken, allochtoon. Of VMBO’er, Islam, Europa, economische crisis. Sla een willekeurige krant open, kijk naar een willekeurig actualiteitenprogramma.
Fresco legt uit waarom een etiket in beginsel handig lijkt, zelfs noodzakelijk is, maar ook gevaarlijk kan worden: “Een etiket is een herkenningspunt, een anker, maar ook een kompas. Herzberg gebruikt het woord etiket dus in een neutrale, zelfs positieve zin. Een etiket geeft identiteit. Herkenning en erkenning. Maar tegelijkertijd, zoals wij weten en ook Herzberg maar al te goed en meer dan vele anderen besefte: elk etiket kan een stigma worden, een basis voor veroordeling.”
Woorden en betekenissen zijn fluïde: “Bijna elk woord is meervoudig in zijn betekenis en gebruik, want het weerspiegelt zijn geschiedenis. Weten wij zeker dat wij hetzelfde bedoelen als wij woorden als vrijheid of vriendschap gebruiken?”
“Er bestaan enerzijds de zakelijke, min of meer onomstreden ‘woorden van het hoofd’ – bijvoorbeeld ‘fotosynthese’ of ‘parlement’ – en aan de andere kant van het spectrum de veelvoudige, gevoelsgeladen ‘woorden van het hart’: ‘natuurlijk’ of ‘links’. De grootste verwarring ontstaat misschien wel als ‘woorden van het hoofd’ ineens losschieten uit hun oorspronkelijke min of meer omschreven betekenis en ‘woorden van het hart’ worden.”
En dan worden woorden wapens: “Waar het me hier echter om gaat is hoe woorden tot etiketten worden en daarmee het debat bevriezen.” Fresco haalt Abel Herzberg aan, uit de bundel Drie rode rozen:
Al door het zeggen van het woord
Deelt men, scheidt men en schendt
Het alomvattende, dat men niet kent
En Fresco pleit – om een weg te vinden uit de patstelling – vervolgens voor een andere wijze van debatteren: “De weg voorwaarts is niet om het debat te staken, hoe verleidelijk dat ook is. De wetenschap moet niet terug in de ivoren toren. (…) We moeten een nieuw begin maken, voorzichtig, door eerst te constateren waar we het wel over eens zijn, en waar de verschillen liggen. (…) Geen etiketten, geen onderlinge beschuldigingen. Niet woorden die scheiden maar woorden die verbinden. Woorden van hart en hoofd. Niet oordelen maar zoeken naar het juiste, dat lijkt me de geest van Abel Herzberg.”
“Wat ik mis in onze huidige samenleving, of het nu om voedsel gaat of economische groei, ontwikkelingshulp of zorg, is de ruimte voor het zoekende, voor het erkennen dat onze meningen een momentopname zijn, dat kennis gevalideerd moet worden en niet zo maar ontstaat. Wat ik mis is de oprechte nieuwsgierigheid naar andere standpunten, het vermogen te luisteren, mildheid tegenover andersdenkenden, uit het besef dat geen van ons het overzicht heeft, maar slechts een fragment ziet.”
Zo blijkt, ontdaan van alle voorbeelden uit het duurzaamheidsdenken van tegenwoordig, de Abel Herzberglezing 2012 een pleidooi voor het voeren van een gesprek, meer dan van een debat. Ontdaan van etiketten, maar met mildheid en nieuwsgierigheid. We moeten eerst zoeken naar woorden die verbinden. In elke polarisatie en elke wij-zij situatie (vul in: onder-boven, links-rechts, oud-nieuw/jong, hullie-zullie). In elke formatie, reorganisatie of organisatieontwikkeling. Kortom, in elke situatie waarin meerdere partijen zich moeten zien samen te voegen. En beginnen met luisteren. Zonder oordeel.
- Iedereen communiceert. Maar is er een kink in de kabel? Dan ontwart Management voor Communicatie de knoop. En dan loopt het ook nog lekker als wij weer weg zijn.
Tags
administratieve communicatie ambassadeur ambtenaar 2.0 belastingaangifte beroepseer betrekken beweging boodschap buurtzorg communicatie communicatie 3.0 communicatieplan controle digitaal digitale revolutie draagvlak Factor C formulier gereedschapskist gesprek hiërarchie HNW informatie informatiefilter interne communicatie issue issuekalender luisteren management managementinstrument medewerkers organisatieontwikkeling organisatieverandering overheid politiek prezi regie reorganisatie social media uitbesteden verandercommunicatie verbinden vertrouwen worldcafé ZPArchief

